Het zal per kerk
en huis verschillen of de drie Wijzen/Koningen uit het Oosten al
direct vanaf Kerstmis bij de kribbe worden geplaatst of dat zij pas
met het Hoogfeest van de Openbaring des Heren ofwel ‘Driekoningen’
arriveren. Een en ander is ook afhankelijk van de beschikbare ruimte
in en rond de kerststal. Aanvankelijk werden de Wijzen voorgesteld
als Perzen met een muts (de vorm daarvan lijkt veel op die van de
Smurfen). Vanaf de 8 ste
eeuw worden zij
Caspar, Balthazar en Melchior genoemd. In de loop der
tijd verandert het uiterlijk van de Wijzen in dat van Koningen.
Psalm 72 is
hierop van grote invloed geweest:
“De vorsten
van Tarsis, het kustland, zij komen geschenken Hem brengen,
de koningen
van Sjeba en Seba, zij dragen hun schatting Hem aan:
alle heersers
brengen Hem hulde, alle volken zijn Hem onderhorig”
(Ps. 72,
10-11).
Er was, zoals
gezegd, aanvankelijk nog geen onderscheid in leeftijd, houding en
huidskleur, maar dat verandert in de Middeleeuwen: Melchior wordt een
witte grijsaard en knielt meestal. Hij staat door zijn witte
huidskleur symbool voor het werelddeel Europa. Hij wordt het dichtst
bij het Kind afgebeeld. Vervolgens de Wijze/Koning van middelbare
leeftijd: Balthazar. Hij wordt nogal eens met een bruine huidskleur
afgebeeld; hij staat symbool voor het werelddeel Azië. En de
jongste, Caspar, heeft een zwarte huidskleur, uiteraard vanwege
Afrika. Doordat de drie Wijzen/Koningen verschillen van houding,
huidskleur en leeftijd worden alle volkeren gesymboliseerd. Na het
Joodse volk (gesymboliseerd door de herders) komen de andere volkeren
af op het Licht dat Christus is. De voorstellingen laten altijd drie
Wijzen/Koningen zien. Matteüs - de enige evangelist die ons vertelt
over hun bezoek aan het Kind (hoofdstuk 2) - schrijft echter niet
over het aantal Wijzen. Hij heeft het over de drie soorten geschenken
die zij meebrachten: goud, wierook en mirre. Dit is al vroeg
als volgt verstaan: het goud staat voor het koningschap van Christus,
de wierook voor Christus als God en de mirre (die werd gebruikt voor
een begrafenis) voor Christus als mens.
Vanuit de
gedachte in de Middeleeuwen dat de drie Wijzen/Koningen álle
volkeren
symboliseren
(Europa, Azië en Afrika), had er bij wijze van spreken na de
ontdekking van Amerika in 1492 nog een Indiaan en later nog een
Aboriginal bij de kerststal als Wijze/Koning geplaatst kunnen worden.
Evenals de herders verdient het aanbeveling om de Wijzen/Koningen -
al of niet met hun kameel en kameeldrijver - bij elkaar te plaatsen,
en wel zo dat de volgorde van de leeftijden wordt aangehouden: het
eerst (het dichtst bij het Kind) de ouderdom, vervolgens de
middelbare en ten slotte de jeugdige leeftijd.